Gerard Walschap in Ons Erfdeel

Op deze pagina vindt u een overzicht van alle artikelen uit Ons Erfdeel van en over Gerard Walschap. Alle teksten zijn online te lezen.

Twee stukken van Gerard Walschap

De luister van de Nederlandse taal: over het Nederlands, de Nederlandstalige roman en het woord in de roman.

“Waar wij ook staan in wetenschap, kunst, handel, nijverheid, administratie, politiek, wat wij daar verwezenlijken of verzuimen, reikt verder dan onze afdeling, de eer van land en volk, één en ondeelbaar, staat elke dag op het spel. De taal is onze band en bindteken, de letterkunde is ons gulden boek, de roman is ons journaal.”

Lees hier de volledige tekst uit jaargang 9 van Ons Erfdeel (1965-1966).


Hoe ik Frans-Vlaming werd: over de zoektocht naar de oorsprong  van de naam Walschap.

“Mijn bevreemdende naam was een plaatsnaam. Het dorp van Walscappel, in het Frans Walloncapelle, ligt op vijf kilometer van Haezebroeck en acht of tien van St. Omer in Frans-Vlaanderen (...) de sporen van mijn geslacht zijn uitgewist, behalve in het geheugen van oude, prachtige papieren die zorgvuldig worden bewaard te Brussel, Gent, Ieper, Oudenaarde, Utrecht en allerlei Brabantse dorpen. Ik tracht onze oude naam nu te herschrijven op nieuw papier dat weer een tijd kan meegaan.”

Hoe zijn zoektocht verliep lees je hier

Artikelen over Gerard Walschap

  • De vette boeken van Gerard Walschap: Matthijs de Ridder bespreekt de “vette boeken” van Gerard Walschap in deel twee van de Ons Erfdeel-reeks Schrijvers die nog maar namen lijken. Daarin vragen we jonge auteurs, literatuurwetenschappers en -critici om zich te buigen over twintigste-eeuwse auteurs van wie de naam wel breed bekend is, maar van wie men zich kan afvragen of hun boeken nog worden gelezen. Op die manier willen we een onbevangen blik werpen op oeuvres die in de tijd dreigen weg te glijden. We hopen dat de confrontatie van vers bloed met het verleden van de Nederlandstalige literatuur frisse inzichten kan aanreiken. De volledige tekst uit Ons Erfdeel 4/2015 kun je hier lezen.

 

  • Wie was Walschap?: een recensie van Jos Borrés Gerard Walschap. Een biografie door Annette Portegies, waarin ze Borré prijst omdat hij diens “cruciale levensfeiten achterhaalde en in historisch perspectief plaatste”. Dit heeft wel tot gevolg dat “de kern van dit boeiende schrijverschap (de hunkering naar genegenheid? De verwerking van vernederingen? De worsteling met seksualiteit, moraal en geloof? Een combinatie van dit alles?) uiteindelijk onderbelicht blijft”. Lees hier de volledige recensie uit Ons Erfdeel 4/2013.

 

  • Een gouden hart en een edele geest. Postume roman van Gerard Walschap: Bert van Raemdonck bespreekt de postuum in de nalatenschap van Walschap aangetroffen historische roman Metten Marten. “Ondanks de onvoltooidheid van de roman en de wat schimmige status van de hier gepresenteerde tekst valt aan deze editie van Metten Marten gelukkig ook heel wat e genieten. Het plezier, de vaart en het onbetwistbare vakmanschap waarmee Walschap de avonturen van zijn schelm heeft geschreven, overtuigen op elke bladzijde, en zowel de taalrijkdom als de liefdevolle manier waarop de personages worden getypeerd, zijn soms om duimen en vingers bij af te likken”, schrijft Van Raemdonck. De volledige bespreking uit Ons Erfdeel 2012/4 lees je hier.

 

  • Hoe het Walschap verder verging: bespreking van het tweede deel van de uitgave van de Brieven van Gerard Walschap door Aad Nuis. “Dat je Walschap in deze brieven soms in de kaart kunt kijken, maakt hem bepaald niet minder menselijk. Zijns ondanks ziet de lezer iets van zijn ijdelheid, zijn bangelijkheid, zijn opvliegendheid en zijn kleine streken, maar ook van zijn wezenlijke grootmoedigheid, zijn humor en zijn warmte”, schrijft Nuis. Lees hier zijn verdere bevindingen uit Ons Erfdeel 5/2002.

 

  • Vrijgevochten en toch gebonden. Walschap in brieven: recensie van het eerste deel van Walschaps Brieven. Over deze “meeslepende lectuur” schrijft Aad Nuis: “De vele bladzijden in de correspondentie die aan Walschaps strijd met vaak in het verborgen opererende vijanden en valse vrienden zijn gewijd, geven een even leerzaam als afschrikwekkend beeld van de vele slinkse manieren om iemand klein te houden en het leven zuur te maken, in dit geval in het zo gemoedelijk en informeel ogende Vlaanderen.” De volledige bespreking uit Ons Erfdeel 2/1999 vind je hier.

 

  • Het donkere hart. Walschap, Geeraerts en de Kongo: Ton Anbeek gaat na welke houding de romans van Gerard Walschap en Jef Geeraerts aannemen tegenover de Congolese beschaving. Walschaps Oproer in Kongo kent volgens Anbeek een ingewikkelde plot: “De roman maakt ook een wat irreële indruk door het vele gepraat dat erin voorkomt. Oproer in Kongo is meer een langgerekt declamatorium dan een spannend verhaal.” Lees hier het integrale artikel uit Ons Erfdeel 1/1995.

 

  • Gerard Walschap. Het gelijk van een bevlogen dwarsligger: Anne Marie Musschoot schetst een beeld van het leven en werk van de schrijver. “Het werk en het optreden van Walschap zijn zo veelkantig geweest, dat het niet zinvol lijkt en ook niet heel relevant hem in een of ander ‘kamp’ binnen te willen halen. Het gevaar van de oeverloze polemiek loert overal en dreigt ook nu nog serieuze studie te bemoeilijken. Maar het werk staat er, en op de historische én literaire betekenis van dat werk valt nu al niets meer af te dingen”, stelt ze. Haar overige bevindingen uit Ons Erfdeel 3/1991 lees je hier.

 

  • De crisis van Walschap: een recensie van Verzameld werk 2 door Paul van Aken, die deze bundeling beschouwt als “aangrijpende bladzijden die tot de mooiste van de Nederlandse literatuur behoren”. De volledige recensie uit Ons Erfdeel 2/1990 lees je hier.

 

  • Verzameld werk van Gerard Walschap: ook het eerste deel van Walschaps verzamelde werk is uitvoerig besproken door Paul van Aken. “In een duizendtal bladzijden kan de lezer vandaag weer kennis nemen van dit vroege werk, dat blijkbaar nog niets aan artistieke kracht heeft ingeboet. Precies daarom is het jammer dat andere literaire vruchten uit die jaren niet werden opgenomen: de gedichten, verhalen, een jeugdboek en zelfs het toneel”, schrijft van Aken. Zijn volledige beschrijving van het werk lees je in dit artikel uit Ons Erfdeel 1/1989.

 

  • Kroniek van een aangekondigd conflict: een recensie van Autobiografie van mijn vader, dat volgens Paul van Aken een zeer onthullend karakter heeft: “het is een vrij getrouwe weergave van het leven dat zijn vader had geleid, van zijn levens- en wereldbeschouwing, van zijn visie op de medemensen en de daaruit voortvloeiende (voor)oordelen.” Lees hier de volledige beschouwing uit Ons Erfdeel 4/1989.

 

  • Gerard Walschaps blijvende betekenis: Joris Note houdt een betoog voor meer literaire belangstelling voor het werk van Walschap. Zijn stuk is een hommage aan “een oude meester, die op het ogenblik minder in de schijnwerpers staat dan hij verdient”.  Waarom zijn verhalen en romans volgens Note een monument in de twintigste-eeuwse Nederlandse literatuur zijn, lees je in zijn artikel uit Ons Erfdeel 1/1986.

 

  • Alfons en Gerard Walschap en het koloniale verleden: een artikel over de grote golf van verhalen over de kolonie, waaronder het werk van de broers Walschap. Dick Gebuys bejubelt de subtiliteit van Oproer in Kongo, die vooral bestaat uit “het niet zwart-wit tegenover elkaar zetten van koloniaal en inlander, van traditionele en westerse cultuur”, en noemt de roman “het eerste boek over Kongo dat een opstand van de inlandse bevolking op zo’n wijze behandelt, dat er begrip voor toont en mede de oorzaak zoekt bij het onrechtmatige optreden van het koloniaal gezag”. De volledige tekst uit Ons Erfdeel 2/1985 staat hier.

 

  • Tilman Armenaas, een Breugeliaans tafereel: Piet van Damme beschrijft de gelijkenissen tussen Walschaps roman De ongelooflijke avonturen van Tilman Armenaas en enkele Breugeliaanse taferelen: “Juist toen Pieter Breugel de Oude in 1569 de penselen klaargelegd had en het doek opgesteld om ook dit schilderij aan te vangen, verstarde zijn blik. Gerard Walschap vatte na eeuwen de pen op om te verwoorden wat de oude Pieter had gezien in Vlaanderen en op zijn reizen door de Alpen.” Lees hier zijn overige bevindingen uit Ons Erfdeel 3/1969.

 

  • Een lezersgetuigenis over Gerard Walschap: een stuk van Marcel Janssens naar aanleiding van de uitreiking van de Prijs der Nederlandse Letteren aan Walschap in 1968. Janssens prijst de oprechtheid van de schrijver: “De op het eerste gezicht meer rudimentaire verteller Walschap getuigt alles bijeen grondiger, vollediger, verontrustender en ook bevrijdender over de mens. (…) De directheid die van Walschaps boeken op de lezer overgaat, komt voort uit zijn waarheidsdrang, die schijnheiligheid en leugen, taboes en kortzichtigheid met een verbeten zendingsbewustzijn ondergraaft.” Lees hier de volledige getuigenis uit Ons Erfdeel 2/1968.