![]() |
![]() |
![]() |
|
|
Inhoud : 2006, nr 1 << terug naar overzichtBom onder hoger onderwijs. Rendementsdenken en internationaliseren in het Bolognatijdperk Geert Buelens Van universiteiten en hogescholen wordt meer dan ooit verwacht dat ze renderen. Dit rendementsdenken leidt in de praktijk vaak tot nivellering: aangezien het gros van de financiering van universiteiten en hogescholen afhangt van het aantal studenten dat ze afleveren, is het voor hen zaak om zoveel mogelijk studenten te laten slagen. Hetzelfde geldt voor promoties: onderzoek wordt steeds meer gestandaardiseerd om de slaagkansen te verhogen. Ook de internationalisering die door verschillende overheden wordt opgelegd leidt soms tot karikaturale situaties. Die internationalisering zou op een heel andere manier ingevuld kunnen worden: “Niet in polder-Engels tegenover een publiek van andere Nederlandstaligen praten en schrijven over veelal onvertaalde Amsterdamse of Groot-Kempische memoires, maar studie verrichten naar teksten en auteurs die zich mengden in debatten en ontwikkelingen die internationaal van belang zijn gebleken.” Geert Buelens pleit in dit artikel voor hoger onderwijs dat streeft naar excellentie. Om niet ten prooi te vallen aan nivellering, zouden letterenopleidingen een toelatingsexamen moeten kunnen invoeren waarmee studenten worden getest – niet op kennis, maar op taalvaardigheid, sociale en culturele interesse en motivatie. Belangrijk is niet dat een universiteit of hogeschool duizenden studenten verdient. Wat telt, is dat elke afgestudeerde zijn diploma verdient. In één beeld geschiedenis schrijven. Johan Grimonprez en de kunst van het terrorisme Jeroen Laureyns De Vlaamse videokunstenaar Johan Grimonprez kwam in 2005 nog in de aandacht met zijn film “Looking for Alfred”. Maar die kon niet tippen aan Grimonprez meesterwerk, “Dial H-I-S-T-O-R-Y” uit 1997. Deze film vertelt het verhaal van naoorlogse vliegtuigkapingen en heeft sinds de aanslagen in New York van 11 september 2001 zelfs voorspellende waarde gekregen. Grimonprez hanteert als kunstenaar dezelfde instrumenten als de massamedia: hij mixt, monteert en becommentarieert beelden. Tegelijk legt hij de verwantschap bloot tussen de kunstenaar en de terrorist: beiden verlangen ze ernaar een beslissende invloed op de maatschappij uit te oefenen door middel van één belangrijk werk. “Alle danatomica en andere rariteijten”. Anatomische lessen van Frederik Ruysch Paul Depondt Overzicht van leven en werk van de Amsterdamse anatomicus en “doodskunstenaar” Frederik Ruysch (1638-1731). Ruysch legde tijdens zijn leven een verzameling aan van honderden glazen flessen en potten waarin hij o.a. delen van kinderlichamen bewaarde. Met deze preparaten maakte hij tafereeltjes – combinaties van kunstig tentoongespreide organen. Zijn kabinet werd gekocht door tsaar Peter de Grote, en sindsdien is het te zien in Sint-Petersburg. In 2003 werden alle preparaten gerestaureerd. Zie ook: Luuc Kooijmans, De doodskunstenaar. De anatomische lessen van Frederik Ruysch, Bert Bakker, Amsterdam, 2004, 517 p.; Debora J. Meijers e.a., The Paper Museum of the Academy of Sciences in St. Petersburg. Introduction and Interpretation, KNAW, Den Haag, 2005, 348 p. De hoge Hollandse toon Gerard van Westerloo Wie de internationale kwaliteitspers leest, moet wel geloven dat Nederland de jongste jaren een ware metamorfose heeft ondergaan. Toch is Nederland nooit zo supertolerant geweest als men nu beweert. Evenmin is het zo dat er tegenwoordig alleen nog maar afkeer van vreemdelingen bestaat. Wel heeft er, onder invloed van het harde taalgebruik van Pim Fortuyn, een toonwissel plaatsgevonden: de Nederlander verheft zijn stem nu luider tegen de politieke elite. Als zij ergens voor is, is hij per definitie tegen – het referendum over de Europese Grondwet was daar een voorbeeld van. De kloof tussen de kiezers en het politieke systeem is bijna onoverbrugbaar geworden. Een staatsgreep hoeft nu niet meteen verwacht te worden, maar het politieke stelsel is en blijft erg kwetsbaar. Al zullen ook de nieuwe Hollandse Grote Monden die in het parlement komen uiteindelijk wel opgenomen worden in het systeem. En dan kan de toonhoogte een octaaf of twee zakken.
Het verlangen naar het vooroorlogse Sjanghai. Notities over nostalgie en melancholie Kees Fens Naar aanleiding van de tentoonstelling “Mélancolie”, die in de winter van 2005 liep in het Grand Palais te Parijs, reflecteert Kees Fens over de aard van melancholie en nostalgie. Melancholie noemt hij “een toestand van evenwicht tussen wereld en innerlijk [...]. Ze hebben elkaar in het tekort gevonden”. De nostalgie op haar beurt “verraadt het tekort van het heden”. De grootheid van de nostalgie is de wereld kunnen uitbreiden, je een grotere tijd eigenmaken dan de jaren van je leven. De grootste Nederlandse nostalgicus is misschien wel Rudy Kousbroek, die altijd half in het Sumatra van zijn jeugd leeft. De nostalgie kende haar hoogtepunt in de negentiende eeuw. En vandaag? Deze tijd is nostalgisch in het sentimentele, maar de schaduw die alles zijn werkelijke karakter geeft, ontbreekt. “De nostalgie is ook niet meer wat ze geweest is”, stond in de jaren zeventig op een Engelse muur gekalkt. Wachten op geluk. De films van Nanouk Leopold Karin Wolfs Nanouk Leopold gooide op het Filmfestival van Cannes in 2005 hoge ogen met haar langspeelfilm “Guernsey”, een puur visuele film die van de kijker een actieve bijdrage verwacht. Leopold werkt in de traditie van filmers in de “auteurstheorie” als Antonioni, Rohmer en Ming-Liang. In een Nederlandse context kan haar werk in het verlengde geplaatst worden van een magisch- realistische filmtraditie van Alex van Warmerdam, Jos Stelling en Orlow Seunke. Naast “Guernsey” worden ook Leopolds eerdere films besproken: “Weekend” en “Iles flottantes”. Het verdriet van de wereld. “Zwerm” van Peter Verhelst Bart Vervaeck Recensie van: Peter Verhelst, Zwerm, Prometheus, Amsterdam, 2005, 672 p. Grondige, diepgaande lectuur van deze ambitieuze roman, die op zeer gemengde reacties is onthaald. Volgens Vervaeck is “Zwerm” geen vrijblijvend spelletje, zoals het in de pers wel eens genoemd werd, maar een roman die helemaal doet wat hij zegt: vorm en inhoud zijn echt één. Hij noemt het boek “even indrukwekkend als ‘De Kapellekensbaan of ‘Het verdriet van België”. De retorische verstrengeling van Vlaanderen met “rechts” Henk de Smaele In dit essay toont Henk de Smaele aan dat Vlaanderen zichzelf al meer dan een eeuw politiek met “rechts” identificeert. Niet alleen hebben linkse partijen in Vlaanderen altijd maar een minderheid van de kiezers kunnen bekoren. Ook kun je in tal van historische (liberale en socialistische) bronnen lezen hoezeer Vlaanderen altijd verbonden werd met katholicisme, met het platteland, met tradities en conservatisme. Precies de cultivering van “rechts Vlaanderen” — ook in tegenstelling tot het “linkse” Wallonië — zou het huidige succes van extreemrechts in Vlaanderen mee kunnen verklaren. Nu er geen partij meer is die zich “rechts” noemt, kiest de Vlaming dan maar voor het extreemrechtse alternatief. Door de verstrengeling van Vlaanderen met rechts tot voorwerp van studie te maken, zouden we veel kunnen bijleren over de politieke verhoudingen in België. Maar zoiets vraagt veel lef. “Ik maak geen fotos van mijn woorden”. De poëzie van Pieter Boskma Odile Heijnders Karakterisering van de poëzie van Pieter Boskma, die tussen 1987 en 2005 een tiental dichtbundels publiceerde, van “Quest” (1987) tot “Puur” (2004). De poëzie van Boskma, die debuteerde in het zog van de zogenaamde “Maximalen”, een beweging die meer grote gebaren wou in de Nederlandse poëzie, wordt in verband gebracht met een postmodernistische poëtica. “Componeren op het breukvlak van twee eeuwen”. De muziek van Peter Swinnen Mark Delaere De composities van Peter Swinnen maken zowel gebruik van twintigste-eeuwse opvattingen over muziek als van eenentwintigste-eeuwse compositietechnieken. Het sterke historische bewustzijn en de buitenmuzikale referenties in Swinnens werk zijn uitgesproken twintigste-eeuws. Het empirische gebruik van formele modellen is dan weer eenentwintigste-eeuws, net als de artistieke flexibiliteit die Swinnen bij het componeren aan de dag legt. “Het gaat nooit over”. Het werk van Allard Schröder G.F.H. Raat Analyse van het werk van Allard Schröder, redacteur van het tijdschrift “De Revisor”, die tussen 1989 en 2005 een zevental romans publiceerde, van “Luxuria. Een groteske” (1989) tot “Favonius” (2005). Typerend voor dat werk zijn de personages die uit hun vertrouwde entourage willen breken. Zij missen echter de kracht om te worden wie zij denken te zijn en blijven daarom hunkeren. De sleutel. Martinus Nijhoff, “De moeder de vrouw” Paul Claes Paul Claes erudiete en eigenzinnige lectuur van dit klassieke gedicht van Martinus Nijhoff. Van Brugge tot Batavia: Isidore van Kinsbergen Gerda Theuns-de Boer In Huis Marseille voor Fotografie loopt tot 26 februari 2006 een tentoonstelling over de fotografie van de uit Vlaanderen afkomstige Nederlander Isidore van Kinsbergen (1821-1905). Deze fotopionier en theatermaker verwierf bekendheid met zijn fotoreeksen van Nederlands-Indië, o.a. “Oudheden van Java” en “Boro-Boedoer”. Picturale rock-n-roll. Het werk van Luc Dondeyne in de hedendaagse figuratieve schilderkunst Thibaut Verhoeven De figuratieve schilderkunst viert in Vlaanderen al enige tijd hoogtij. Toch worden veel schilders in de “post-Tuymansgeneratie” geplaatst die daar eigenlijk niet thuishoren. Luc Dondeyne is zo iemand. In een niet sexy stijl, die aanleunt bij het impressionisme, schildert hij een niet sexy inhoud. Hij wendt zijn penseel aan ten voordele van het verhalende aspect van het beeld. “In Europa zu Hause”. Schilders uit de Lage Landen in München omstreeks 1600 Carel ter Haar Het is bekend dat tal van kunstenaars uit de Nederlanden in de zestiende eeuw in Italië gingen werken. Maar dat velen van hen op die reis in München bleven hangen, is minder bekend. De Neue Pinakothek in München organiseerde eind 2005 een tentoonstelling rond deze kunstenaars. De conservatrice daarvan, mr. Thea Vignau-Wilberg, krijgt in dit artikel een pluim voor haar jarenlange pionierswerk op dit gebied. Recensie van: “In Europa zu Hause. Niederländer in München um 1600”. Bekoelde liefde? De relatie tussen het theateraanbod van Nederland en Vlaanderen Jos Nijhof In het najaar van 2005 verschenen studies over het Vlaamse theateraanbod in Nederland en het Nederlandse aanbod in Vlaanderen. De eerste studie is grondig en gemaakt door de Brakke Grond, de andere is heel beknopt en gemaakt door het Theater Instituut Nederland. Bespreking van: Franky Devos & Jacqueline Schoemaker, Je moet gewoon je gore rotbest doen! Studie naar de positie van Vlaamse kunstenaars op de Nederlandse kunstenmarkt, Vlaams Cultuurhuis de Brakke Grond, Amsterdam, 2005, 74 p. En van: Simon van den Berg, Nederlandse voorstellingen in België 1999 t/m 2005, Theater Instituut Nederland, Amsterdam, 2005, 7 p. Een nieuw artistiek leider voor het Zuidelijk Toneel Pieter Bots Sinds september 2005 is Matthijs Rümke artistiek leider bij het Zuidelijk Toneel in Eindhoven. Hij vervangt er Johan Simons, die nu in Gent werkzaam is. Zijn eerste voorstelling, “Tirannie van de tijd”, had de ambitie om een filosofisch onderwerp in de schouwburgzaal met een groot ensemble theatraal uit te spitten, maar er werd met gemengde gevoelens op gereageerd. Dichter bij dans. De choreografieën van Charlotte Vanden Eynde Katie Verstockt Karakterisering van de choreografieën van Charlotte Vanden Eynde, van “Benenbreken” (1997) tot en met “Beginnings/Endings” (2005). Een zoeklicht in het klassieke muzieklandschap. Het Symfonieorkest Vlaanderen Diederik Verstraete Het Symfonieorkest Vlaanderen slaagde er tot nu toe in de grootste stormen in het Vlaamse orkestlandschap te overleven. Dat is zeer terecht: het heeft zich steeds onderscheiden door investeringen in eigen producties en doordachte en consequente artistieke keuzes qua uitvoerders en repertoire. Sinds Etienne Siebens in 2004 chef-dirigent werd van het Symfonieorkest Vlaanderen, is de kwaliteit alleen nog maar toegenomen. De Dijk raakt kwarteeuw het hart Lutgard Mutsaers Begin 2006 viert de Nederlandse popgroep De Dijk zijn vijfentwintigjarige jubileum. Deze groep is al die jaren een constante factor in de Nederlandse popwereld. Sommigen vinden de Nederlandstalige pop van De Dijk voorspelbaar, maar de stem van zanger Huub van der Lubbe maakt haar uit duizenden herkenbaar en geregeld weet ze het hart sterk te raken. Vlaamse dialecten gezongen op cd Wim Chielens In 2005 verschenen vijf cds met Vlaamse liedjes, gezongen in het dialect. Per provincie werd er één cd samengesteld. Als muzikaal project overtuigt deze reeks niet helemaal: er zijn meer dialecten in Vlaanderen dan mensen die er goed in kunnen zingen. Nostalgie naar een verloren natie. Een terugblik op de historische productie naar aanleiding van 175 jaar België Marnix Beyen Naar aanleiding van de 175ste verjaardag van België in 2005 verschenen heel wat boeken over de geschiedenis van het land en over de opstand van 1830 die eraan ten grondslag lag. Ook waren er tal van tentoonstellingen en evenementen rond deze gebeurtenis. Marnix Beyen merkt in al deze publicaties en evenementen eenzelfde grondhouding op van de historici: als milde deconstructivisten hebben ze een zekere nostalgie naar een vervlogen Belgische natie. Recensie van: Jeroen Janssens, De helden van 1830. Feiten en mythes, Meulenhoff|Manteau, Antwerpen/ Amsterdam, 2005, 205 p.; Rolf Falter, 1830. De scheiding van Nederland, België en Luxemburg, Lannoo, Tielt, 2005, 352 p.; Roland van Opbroecke, België, de geboorte van een staat, Globe, Roeselare, 2005, 349 p.; Peter Rietbergen & Tom Verschaffel, Broedertwist. België en Nederland en de erfenis van 1830, Waanders, Zwolle, 2005, 112 p. Een atlas van Europese waarden Koen Raes Recensie van: L. Halman, R. Luijkx & M. van Zundert, Atlas of European Values, Tilburg University, Tilburg / Koninklijke Brill NV, Leiden, 2005, 139 p. “Zien, oordelen, handelen.” De katholieke arbeidersjeugd in Vlaanderen te boek gesteld Toon Osaer Recensie van: Leen Alaerts, Door eigen werk sterk. Geschiedenis van de kajotters en kajotsters in Vlaanderen, 1924-1967, Kadoc, Leuven / Kajottershuis vzw, 2005, 660 p. Veen en Manteau, of nog: Gezelle en Boon Ludo Simons Recensie van: Jan Pauwels, “Méér dan een mode-koorts.” Guido Gezelle en zijn postume uitgever Lambertus Jacobus Veen, 1901-1919, Peeters, Leuven, 2005, 462 p. Ernst Bruinsma, Kwaliteit als credo. Een geschiedenis van uitgeverij Manteau (1938-1953), Meulenhoff|Manteau, Antwerpen/ Amsterdam, 2005, 438 p. Inburgeren in zeventiende-eeuws Batavia Kees Groeneboer Recensie van: Hendrik E. Niemeijer, Batavia, een koloniale samenleving in de 17de eeuw, Balans, Amsterdam, 2005, 440 p. De wandelingen van Frédéric Bastet Rudi van der Paardt Recensie van: Frédéric Bastet, De grote wandeling, Conserve, Schoorl, 2005, 336 p. Popipoëten? De inbreng van poetry slam in de Nederlandse poëzie X Roelens In dat artikel vertelt X(avier) Roelens over het ontstaan en de evolutie van poetry slams in Nederland en Vlaanderen. Chris de Stoop speelt met vuurwerk Karel Osstyn Recensie van: Chris de Stoop, De vuurwerkmeester, De Bezige Bij, Amsterdam, 2005, 296 p. Verzoenend licht. Een verrassende novelle van Frans Budé Cyrille Offermans Recensie van: Frans Budé, Afrit, Plantage, Leiden, 2005, 94 p. Portret van de dichter als Antwerpen Joris Gerits Recensie van: Leonard Nolens, Een dichter in Antwerpen en andere gedichten, Querido, Amsterdam, 2005, 85 p. Hans Groenewegen: de criticus als dichter Dirk de Geest Recensie van: Hans Groenewegen, en gingen uit sterven, Wereldbibliotheek, Amsterdam, 2005, 61 p.; Hans Groenewegen, Lichaamswater, Wereldbibliotheek, Amsterdam, 2002, 59 p.; Hans Groenewegen, Grondzee, Stichting Kunstuitleen Zeeland, Middelburg, 2000, 40 p. (met etsen van Christine Boer). Hier leef ik, onder vreemden. Compromisloos dagboek van Frida Vogels Luc Devoldere Recensie van: Frida Vogels, Dagboek 1954-1957, G.A. van Oorschot, Amsterdam, 2005, 381 p. Investeer in belangstelling, Rudi Wester Bespreking van: Ben Hurkmans, George Lawson, Gitta Luiten, Taco de Neef, Henk Pröpper & Femke van Woerden-Tausk, All that Dutch. Over internationaal cultuurbeleid, NAi Uitgevers, Rotterdam, 2005, 118 p. Vlaams cultuurbeleid gewikt (en een beetje gewogen) Rudi Laermans Recensie van drie boeken over het Vlaamse cultuurbeleid: Wim de Pauw, Minister dixit. Een geschiedenis van het Vlaamse cultuurbeleid, Garant, Antwerpen/ Apeldoorn, 2005, 155 p.; Quirine van der Hoeven, De grens als spiegel. Een vergelijking van het cultuurbestel in Nederland en Vlaanderen, Sociaal en Cultureel Planbureau, Den Haag, 2005, 170 p.; Miek de Kepper e.a., Verzameld werk(t). Cultuurcentra en gemeenschapscentra in Vlaanderen en Brussel, Steunpunt voor het Lokaal Cultuurbeleid, Brussel, 2005, 215 p. De bibliografie van het Nederlandstalige Boek in Vertaling in Ons Erfdeel houdt ermee op De redactie In 2005 is in Ons Erfdeel de 150ste aflevering verschenen van de Bibliografie van het Nederlandstalige Boek in Vertaling. Dat is meteen ook de laatste die ooit in Ons Erfdeel zal verschijnen. De Bibliografie wordt immers niet meer aangeleverd door de Koninklijke Bibliotheek. Wel heeft het Nederlands Literair Productie- en Vertalingenfonds sinds 2005 een database online beschikbaar gesteld van uit het Nederlands vertaalde literaire werken: http://www.nlpvf.nl/translations. |
![]() |