‘Leer de taal van je buur. En lees hun boeken’

‘Leer de taal van je buur. En lees hun boeken’

In Canada heeft men het over les deux solitudes om de latrelatie aan te geven tussen Franstaligen en Engelstaligen. De aanwezigheid van Vlaanderen als eregast op de Franstalige Foire du Livre in het Brusselse Tours & Taxis was voor hoofdredacteur Luc Devoldere een mooie gelegenheid om de proef op de som te nemen van die ‘twee eenzaamheden’ in België, de Nederlandstaligen en de Franstaligen. Leer de taal van je buur. En lees hun boeken’, schrijft hij.

Dat er behoorlijk wat vertaald wordt van het Nederlands naar het Frans, staat buiten kijf. Dat er initiatieven worden genomen om over de muur te kijken, eveneens. Dat het Brusselse literatuurhuis Passa Porta alvast in de hoofdstad moeite doet om de twee literaturen naar elkaar te doen kijken, is een feit. Zo bracht het huis op de Foire du Livre de twee literaire hypes van vandaag samen, Adeline Dieudonné (La vraie vie) en Lize Spit (van wie Débâcle, de Franse vertaling van Het smelt, vorig jaar een succes was).

BOZAR, ook uit Brussel, vroeg aan drie Franstalige schrijvers – Thomas Gunzig, Myriam Leroy en Jean Bofane – naar Vlaanderen te kijken. Hun stukken verschenen onder de vlag ‘Retour en Flandre’ in De Standaard en Le Soir. Ik denk dat weinig Vlamingen deze schrijvers kennen. Een reden te meer om hen te leren kennen.

Wat blijkt uit hun teksten? En wat bleek uit het gesprek dat Le Soir-editorialiste Béatrice Delvaux op de Foire du Livre met hen had? Dat Gunzig en Leroy eerlijk en een beetje schuldbewust bekenden dat ze parfaitement unilingues waren. Leroy betreurde dat men haar tijdens de lessen Nederlands en de pijnlijke taalkampervaringen – kamp is hier bijna letterlijk te nemen – geen goesting (envie) had gegeven om Vlaanderen te leren kennen.

Jean Bofane, Béatrice Delvaux, Myriam Leroy en Thomas Gunzig op de Foire du Livre © Bozar

Echt schrik in Vlaanderen

Gunzig gaf zowaar de voormalige Vlaamse minister-president gelijk die ooit sarcastisch zei dat vele Franstalige Belgen blijkbaar “intellectueel niet in staat” zijn om Nederlands te leren. De schrijver had, op weg naar zee met zijn dochter, plots autopech met zijn oude Toyota in een Vlaams dorp. Hij bekent schrik te hebben gehad, “echt schrik”. Welk effect zou zijn tekst hebben als je Vlaams dorp zou vervangen door een dorp in Marokko of Turkije? De man die zijn auto weer aan de praat krijgt, spreekt gelukkig Frans, en stuurt hem naar de zee met: “Allez, bonnes vacances.” Waarop de liefde voor Vlaanderen meteen ontbloeit.

Jean Bofane redt de reeks ‘Retour en Flandre’. Eerst herinnert hij eraan dat in Congo de term ‘kolonisatie’ niet bestond. Na de onafhankelijkheid noemden de Congolezen die periode dan maar ‘De tijd van de Vlamingen’, om de heel eenvoudige reden dat de Vlamingen de sergeanten en ploegbazen waren die tegen de Congolezen moesten roepen, terwijl de echte bazen Frans spraken.

Jean Bofane © Lionel Lecoq 2010

Bofane noemt zich een Belg, geen Waal of Vlaming. Hij sprak bij zijn eerste aankomst in Zaventem in 1993 Nederlands met de agent die zijn paspoort controleerde, want die had hem bars in die taal aangesproken. “Bienvenue en Belgique, monsieur”, was diens reactie en het ijs was gebroken. Zo simpel kan het zijn, zei Bofane. Spreek de taal van de andere. Zeker als je in Vlaanderen bent. Voor ons is het woord la terre sacrée, zei de schrijver, en dus het territorialiteitsprincipe ook, dacht ik.

nieuwsgierigheid

Als het niet pathetisch klonk, zou ik zeggen dat Jean Bofane de eer van België heeft gered tijdens dat gesprek op de Foire. Een beetje nieuwsgierigheid volstaat. De wil om de andere te verstaan en, in het beste geval, te begrijpen. Dat passeert allemaal via taal.

Leer de taal van je buur. En lees hun boeken. Daarover ging het in het daaropvolgende gesprek. De redactie van ons blad Septentrion had de Franstalige schrijfsters Caroline De Mulder, Caroline Lamarche en Véronique Bergen gevraagd om hun licht te laten schijnen over hun geliefde boek van een Vlaamse auteur. Het werd een hoogstaand gesprek over nieuwgierigheid, over de taal van de andere die in hun eigen schrijven resoneert. Over de literatuur als heerbaan naar de cultuur van de andere, over het belang van vertaling. Je kunt hun gesprek hieronder herbeluisteren.

 

 

Tot slot. In de teksten in de twee kranten en het gesprek op de Foire werd aanvankelijk de hardnekkige verwarring tussen flamand en néerlandais in stand gehouden. Moderator Béatrice Delvaux gaf ondergetekende de kans – waarvoor dank! – tijdens dat gesprek om die verwarring nog maar eens de wereld uit te helpen: een Vlaming is een Belg die Nederlands spreekt. Lees onze grondwet artikel 1.

Luc Devoldere

Blijf op de hoogte

Abonneer je op de RSS-feed