FLIRT FLAMAND: Caroline De Mulder prijst Sprakeloos van Tom Lanoye

FLIRT FLAMAND: Caroline De Mulder prijst Sprakeloos van Tom Lanoye

De Foire du Livre in Brussel zet de Vlaamse literatuur in de schijnwerpers onder de titel Flirt Flamand. De redactie van Septentrion vroeg drie Franstalige Belgische schrijvers naar hun favoriete boek van een Vlaamse auteur. Caroline De Mulder kiest voor Sprakeloos van Tom Lanoye. ‘Een taal die soms pikant is, soms sappig, altijd smakelijk en met textuur, overvloedig en uitbundig.’

In Sprakeloos vertelt Tom Lanoye (1958) het verhaal van de afasie van zijn moeder ten gevolge van een hersenbloeding, het leven en de doodsstrijd van een diva uit de provincie die slagersvrouw is, een moederdier en een prachtige ‘moeke’, sterk en ontroerend, pragmatisch en gepassioneerd.

Sprakeloos is een heel bewuste daad van verzet. Woorden om de dood terug te dringen. Want het boek is ook de geschiedenis van de geboorte van een boek, de geboorte van een schrijver en uiteindelijk de geboorte van Tom Lanoye zelf, die op zijn beurt zijn moeder opnieuw leven geeft.

Rauwe poëzie

Hij doet dat door de overledene een stem te geven. En zij is goed van de tongriem gesneden. Vaak heeft ze het hoogste woord door genereus een taal te spuien die de rauwe poëzie van een aards volk uitdrukt. In een vrank spreken dat elegantie vermengt met dialect, dat van Sint-Niklaas in Oost-Vlaanderen.

Een taal die soms pikant is, soms sappig, altijd smakelijk en met textuur, overvloedig en uitbundig; de taal die Lanoye met de paplepel heeft binnengekregen, die zijn geest en het vlees van zijn boeken heeft gevoed. Ik heb ze met plezier aangehoord, soms met uitgelatenheid. Vaak had ik ook zin om de replieken van deze zondagsactrice, die een dichter van alledag is, luidop te declameren. Dit maar om te zeggen hoe mooi het ritme van haar dictie is.

Voeg daaraan toe dat de stijl heel beeldrijk is, zelfs barok, en dat Lanoye gedurende de hele roman een tedere ironie en een heilzame afstand aanhoudt. Ik heb de Franse vertaling van Alain Van Crugten niet gelezen, maar ben er toch van overtuigd dat deze uitstekende vertaler de pracht en praal van Lanoyes taal heeft weten te behouden. Natuurlijk zal hij gezwoegd hebben op deze vertaling, al was het maar om de titel (Sprakeloos), waarvoor het Frans geen equivalent heeft, te vertalen. Uiteindelijk werd het La Langue de ma mère.

Wat blijft er van ons over?

Tom Lanoye roept niet alleen zijn moeder op, maar zijn eigen jeugd, zijn stad die een dorp was en een Vlaanderen dat nu niet meer bestaat. Daarmee doet hij enkele gevoelige snaren trillen bij de Gentenaar die ik nooit ben opgehouden te zijn. Natuurlijk is de galerie van nietsnutten, gebochelden en andere bullebakken die zijn geboorteplek bevolken nogal rijk en spectaculair, maar wat geeft het als de waarheid soms onwaarschijnlijk is?

Achter de overvloedige anekdotes die het raster van zijn herinneringen vormen, raakt Lanoye aan de waarheid van onze beperkingen en peilt hij de afgrond onder onze voeten. Waar komt het op aan? Het is genoeg dat een adertje ontploft en wij breken. Een bloedklontertje en we hebben geen stem meer. En wat blijft er van ons ware zelf over als men de taal wegneemt? Welke geamputeerde menselijkheid, welke vreemde dierlijkheid blijft dan verder woelen in een vreemde en gewelddadige droom? Wat zijn we uiteindelijk? Woorden, woorden, woorden. Tot in de dood.

Tekst: Caroline De Mulder / Vertaling: Luc Devoldere

Tom Lanoye, Sprakeloos, Prometheus, Amsterdam, 2009, 359 p. Lees ook de Ons Erfdeel-recensie.

Blijf op de hoogte

Abonneer je op de RSS-feed