Internationaal symposium over historicus Pieter Geyl - een verslag

In Londen vond vorige week een symposium plaats over de Nederlandse historicus Pieter Geyl. Reinier Salverda (verbonden aan University College London en de Fryske Akademy, en redacteur van Ons Erfdeel) brengt verslag uit. In dit bericht kun je ook vier Ons Erfdeel-artikelen over Geyl lezen.

door Reinier Salverda

In het centrum van Londen, vlak achter het British Museum, staat het imposante Senate House van de University of London, met daarin het Institute for Historical Research (IHR), hét centrum van de historische wetenschappen in het Verenigd Koninkrijk.

Hier vond op donderdag 17 november 2016 een boeiend internationaal symposium plaats over de befaamde Nederlandse historicus Pieter Geyl (1877-1966), die van 1919 tot 1934 als eerste hoogleraar Nederlandse geschiedenis in Londen werkzaam is geweest.

Voor dit symposium ter herdenking van Geyls vijftigste sterfdag verzamelden zich een kleine dertig historici van Britse en Nederlandse universiteiten, uit Parijs, uit Bonn en uit Amerika. De dag werd geopend door de Nederlandse ambassadeur, Simon Smits, en de IHR-directeur, professor Lawrence Goodman.

Daarna kwamen in een tiental lezingen flink wat kenmerkende thema’s uit leven en werk van Geyl aan de orde.

Allereerst sprak Pieter van Hees (Utrecht) over Geyl en diens Groot-Nederlandse gedachte, niet alleen als belangrijke kracht in de geschiedenis van de Lage Landen, maar ook als vitale basis voor Nederlands-Vlaamse culturele en politieke samenwerking. Van zijn kant behandelde Benjamin Kaplan (Londen) de uitwerking die Geyl aan die gedachte heeft gegeven in zijn analyse van de Dutch Revolt en de Tachtigjarige Oorlog in zijn Geschiedenis van de Nederlandse Stam.

In Geyls Londense tijd – zoals Ulrich Tiedau (Londen) uiteenzette – speelde er jarenlang een controverse tussen Geyl en Emile Cammaerts, die uiteindelijk wel professor in Belgian Studies werd, maar niet in University College London, niet op historisch gebied, en ook pas nadat Geyl hem in de Londense academische wereld eerst jarenlang buiten de deur had weten te houden.

Heel bijzonder was wat Stijn van Rossem (Londen) presenteerde: het verhaal van de belangrijke bijdragen die Geyl heeft geleverd aan de oprichting van het Institute for Historical Research, de inrichting daarbinnen van de zeer bijzondere Low Countries History Library, en ook het nu nog altijd florerende Low Countries History Seminar aldaar.

Wim Berkelaar (Amsterdam) zette uiteen wat Geyls literaire ambities waren – die hem uiteindelijk de P.C. Hooftprijs hebben opgeleverd, en Remco Ensel (Nijmegen) belichtte de grote rol die Geyl na de Tweede Wereldoorlog heeft gespeeld in het publieke debat in Nederland.

Leen Dorsman (Utrecht) besprak de immense wetenschappelijke productiviteit van Geyl, Mark Hay de kwaliteiten van Geyls geweldige studie over Napoleon, en Alissa van Kleef (Bonn) Geyls betrokkenheid bij de Duitse Westforschung in de jaren dertig, en ook zijn radicale breuk daarmee toen dit vakgebied genazificeerd werd.

Ik zelf behandelde de impuls die Geyl heeft gegeven op het gebied van de achttiende eeuw,

Alles bij elkaar was het – ook door de discussies – een bijzonder boeiende dag, die recht deed aan de veelzijdige en belangrijke rol die Geyl heeft gehad op het gebied van de Nederlandse geschiedschrijving in ruime zin.

Het ligt in de bedoeling van de organisatoren om de verschillende lezingen bijeen te brengen en komend jaar in een boek te publiceren.

pieter geyl in ons erfdeel

Het geschiedkundige werk van Geyl is regelmatig behandeld in Ons Erfdeel, zoals je in ons archief kunt zien.

De vier recentste artikelen kun je hieronder lezen. 

Womanizer van nature. Het verborgen leven van Pieter Geyl (Klaas van Berkel), 2010.

De gemengde gevoelens van Pieter Geyl voor Zuid-Afrika (Dirk van Assche), 2001.

Geyl contra Ter Braak (Jo Tollebeek), 1989.

Hoogleraren in briefwisseling. De betekenis van de correspondentie tussen Carel Gerretson en Pieter Geyl
(Pieter van Hees), 1979.

Blijf op de hoogte

Abonneer je op de RSS-feed