Nominaties voor Herman de Coninckprijs bekend: lees de Ons Erfdeel-recensies

Boek.be, de belangenvereniging van het Belgische boekenvak, heeft bekendgemaakt wie kans maakt op de Herman de Coninckprijs 2015. Een van onderstaande vijf dichters krijgt op 27 januari 2015, wanneer ook het startschot voor de Poëzieweek wordt gegeven, de prijs voor de beste poëziebundel van het afgelopen jaar:

Geert Buelens - Thuis (Ambo)

De jury (bestaand uit Bas Kwakman, Yra van Dijk, Hilde Verbreuken, Cathérine De Cock en Stijn Meuris) in haar rapport: “In Thuis is een dichter aan het woord die met zijn regels de tijdgeest weet te temmen. In heldere, soms onpoëtische maar altijd directe taal stuurt Buelens de lezer zijn huis uit om de wereld opnieuw, vanuit een ander perspectief en een verscherpte helderheid, te betreden.”

Ad Zuiderent in Ons Erfdeel: “Zoals al blijkt uit de genoemde titels van zijn nieuwe economische liedjes, schuwt Buelens bij dit alles het gebruik van grote woorden niet. Zijn woorden zijn vaak zo groot (“tegoedbevriezing”, “meeschuifbalancering”) dat ze geen specifieke betekenis meer hebben, maar zich voordoen als onderdrukkers van een lyrisch of beeldend potentieel. Daardoor zijn nogal wat gedichten noten die zich moeilijk laten kraken.”  Lees hier de volledige recensie.

Leonard Nolens - Opzichtige stilte (Querido)
De jury: “Opzichtige stilte is een monument voor de oudere, afhankelijke mens. Hier spreekt een groot dichter, die met blijvende verwondering en scherpte aan het leven hangt. Daar waar het lichaam zich in melancholie en met enige gelatenheid overgeeft aan het onbekende, blijft de geest messcherp en indringend de situatie fileren. Dit is niet alleen het relaas van een particuliere ziekte-ervaring, maar een spiegel van onze tijd.”

Ad Zuiderent in Ons Erfdeel: “Nolens is na de toekenning van de Prijs der Nederlandse Letteren bepaald niet op zijn lauweren gaan rusten. Integendeel. Met Opzichtige stilte heeft hij opnieuw blijkgegeven van zijn meesterschap in existentieel bodemonderzoek.” De volledige recensie verschijnt in Ons Erfdeel 1/2015 (februari).

Els Moors - Liederen van een kapseizend paard (het balanseer/Nieuw Amsterdam)
De jury: “Met zinderende, broeiende en schurende taal probeert Els Moors vat te krijgen op de liefde, de lichamelijkheid en de complexiteit van het meest nabije. Dat dit soms bevreemdende, beklemmende en ongemakkelijke beelden oplevert is even eerlijk als onvermijdelijk.”

Jeroen Dera in Ons Erfdeel: “(…) de meeste mensen houden bewust of onbewust de heersende machtsstructuren in stand, bijvoorbeeld door geld uit te geven aan media die de teneur bepalen. Het is daarom goed dat er bundels zijn als Liederen van een kapseizend paard, die de weerbarstigheid van taal en wereld als uitgangspunt nemen en aandacht vragen voor een “eigenzinnig blaffen”, om een frase van Moors te citeren.” Lees hier de volledige recensie.

Maud Vanhauwaert - Wij zijn evenwijdig (Querido)
De jury: “In een unieke, fragmentarische stijl, ergens tussen proza en poëzie in, neemt Vanhauwaert haar lezer mee op een uitbundige reis langs ultrakorte verhalen, absurde, aforistische wendingen en surreële poëzie. Maar ondanks de carrousel van indrukken, beelden, kleuren en geluiden vliegen de woorden nergens uit de bocht.”

Roel Weerheijm in Ons Erfdeel: “Haar teksten lijken het resultaat van een actief, verbaal proces van zoeken naar de meest treffende communicatieve vorm, ongeveer zoals een beeldhouwer een sculptuur maakt. ‘Schrijven’ suggereert een nadruk op een papieren, afgewogen, verstilde waarde van haar werk. Maar deze teksten zijn daar te levendig en te absurd voor, gericht op de interactie tussen stem en luisteraar. In de bundels, en ook op het podium, gaat het nadrukkelijk om het creatieve en het verbale aspect van Vanhauwaerts teksten.” De volledige recensie verschijnt in Ons Erfdeel 1/2015 (februari).

Peter Verhelst met Wij totale vlam (Prometheus)

De jury: “Grote begrippen als vergankelijkheid, ruimte, tijd, geluk en liefde, begrippen waar menig dichter al dan niet behendig omheen zeilt, worden hier zo eerlijk, precies en kwetsbaar dicht benaderd, dat je als lezer het idee krijgt dat je ze daadwerkelijk kan raken.”

Deze bundel is niet besproken in Ons Erfdeel. Naar aanleiding van zijn vorige dichtbundel, Zoo van het denken, schreef Anne-Marie Musschoot: “Ooit besliste hij geen poëzie meer te schrijven, maar daar is hij (gelukkig) van teruggekomen. Hij bouwt inmiddels aan een oeuvre dat één groot continuüm is, gekenmerkt door verrassende, bedwelmende beelden en een veelduidige, beroezende taal. In de hypersensuele ervarings- en fantasiewereld van Verhelst staat een uitdijend bewustzijn centraal, dat zijn eigen grenzen wil overschrijden, zichzelf wil opheffen en wil opgaan in de ander. Lichaam en buitenwereld zijn één (…). Liefde en verlangen, het samenvallen met de ander, is een constante in dit universum.” Lees hier de volledige recensie. En over zijn twee recentste romans, Geschiedenis van een berg en De allerlaatste Caracara ter wereld, schreef Mieke Opstaele: “Klimmen om daarna te vallen, dat is de eindeloze beweging die de mens in de loop van de geschiedenis (en het oeuvre van Verhelst) maakt.” Lees hier de volledige recensie.

Blijf op de hoogte

Abonneer je op de RSS-feed