Ons Erfdeel - 2016, nr 3

23 augustus 2016

“Tijdverlies kan ook nuttig zijn.” Het is maar een van de vele opvallende quotes uit het gesprek met Rik Torfs (rector KU Leuven) en Vincent Icke (professor in Leiden) in het pas verschenen Ons Erfdeel-nummer. De toekomst van de universiteit, daarover buigen Torfs en Icke zich in het tiende Ons Erfdeel-dubbelinterview. Een overzicht van onze eerdere tweegesprekken (waarvan vier in samenwerking met deBuren) vind je hier: www.onserfdeel.be/dubbelinterview.

Veel aandacht is er voor taal in Ons Erfdeel 3/2016. Hoe worden nieuwe woorden in het Nederlands gevormd en wie gebruikt ze? En op welke manier wordt straattaal ingezet in de Nederlandstalige literatuur? Vivien Waszink, Stella Linn en Sandra van Voorst onderzochten het. Abdelkader Benali zingt dan weer de lof van de bastaardtaal, volgens hem de taal van de eenentwintigste eeuw, “want wij zijn de bastaardkinderen van een verknipte, chaotische eeuw waarin het individu het zelf uit zoeken heeft. De taal past zich aan aan wie we zijn.”

Tom Lanoye beschrijft in een persoonlijk stuk hoe zijn hele oeuvre is beïnvloed door zijn kennismaking met en bewerking van de klassieke theaterteksten van onder meer Shakespeare en Euripides.

De boeken van Chris de Stoop worden uitvoerig doorgelicht: “Zijn hele oeuvre is te lezen als een poging om in een literaire vorm van journalistiek stem te geven aan mensen voor wie de samenleving geen ruimte heeft”, schrijft Tomas Vanheste.

Ook het oeuvre van Toon Tellegen - later dit jaar viert hij zijn 75ste verjaardag- wordt uitgespit. Yves van Kempen leest daarin “speelsheid en inventiviteit gecombineerd met ernstig gepeins”.

Voorts ook nog een artikel over de omgang van België met zijn koloniale verleden. “België staat nog niet zo ver in de verwerking van zijn koloniale geschiedenis als wij denken. Zeker Vlaanderen luistert nog steeds alleen naar zichzelf”, schrijft Idesbald Goddeeris. Dat verleden komt ook aan bod in Arsène Schrauwen, een strip van Olivier Schrauwen die Gert Meesters zeer uitgebreid analyseert.

Tineke Reijnders keek dan weer lang naar Koos Breukels portretfoto’s: “Wat Koos Breukel groot maakt, is zijn nuchterheid. Hij maakt niks mooier, zoekt hoogstens naar een soort verhevigde, kernachtige werkelijkheid, naar de schoonheid van waarachtigheid. En doet dat op heldere wijze en met grote precisie.”

In de Kunsten-rubriek lees je korte stukken over zangeres en songschrijver Eefje de Visser, schilder Matthieu Ronsse, het Volksoperahuis, de collectieve kunstenaar gerlach en koop (van wie een werk op de kaft prijkt), stripauteur Jeroen Janssen, en het internationale beleid van het Nederlands Filmfonds.

In de Boeken-rubriek blikken we terug op vijftig jaar Privé-Domein en bespreken we meer dan twintig recentelijk verschenen publicaties: een nieuwe literatuurgeschiedenis van de eerste helft van de twintigste eeuw; de dagboeken van Doeschka Meijsing; de Brieven uit Genua van Ilja Leonard Pfeijffer; de verzamelde gedichten van Ester Naomi PerquinPatrick Conrad en Erik Menkveld; romans van Roos van Rijswijk, Anton Valens, Merijn de Boer en Lize Spit; en nog veel meer.

In de Taal & Cultuur-rubriek tot slot belichten we de taal van Europa anno 2016, de vertaling, en vergelijken we de diverse anderstalige geschiedenissen van de Nederlandstalige literatuur die in de afgelopen jaren zijn verschenen.

zoek een andere editie

Artikelen in dit nummer

  • BE: €17,00 / NL: €18,00 / INT: €20,00
  • verzending en 6% BTW inbegrepen
leg in winkelmandje abonnementen